Van toetsende specialist naar adviserende kennispartner

De teams van Onderzoek en advies groeien iedere dag verder in de rol van deskundige kennispartner richting meer integrale samenwerking. Teammanagers San Adelaar en Kimmo Hornman maken de tussentijdse balans op en schetsen de meerwaarde voor gemeentes en provincie: “Hoe eerder je ons betrekt, hoe groter de kans dat een project op een goede en tijdige manier doorgang kan vinden.”

De meeste gemeenten hebben er al kennis mee mogen maken: een bondig en helder geformuleerd milieuadvies. “We schrijven sinds april 2026 kortere en beter leesbare adviezen die beter zijn afgestemd op de vraag van de gemeente”, vertelt San. “Wat intern begon als een zoektocht naar meer uniformiteit en eenduidige advisering, ontstond als vanzelf de noodzaak om ook de leesbaarheid en het taalgebruik aan te pakken. Waar O&A jarenlang vaak schreef voor collega-specialisten, vragen tegenwoordig steeds vaker gemeentelijke en provinciale beleidsadviseurs, RO-medewerkers en projectleiders ook om advies. Kimmo: “Veel van die collega's zijn geen ‘milieumensen’. Als je dan vijftien pagina’s aan advies in ambtelijk jargon toestuurt dat weliswaar volledig en accuraat is maar daardoor de doelgroep niet voldoende bereikt en overtuigt, is dat een gemiste kans.”.


“Hoe eerder je ons betrekt, hoe groter de kans dat een project op een goede en tijdige manier doorgang kan vinden.”

Specialistisch

Daarom werd niet alleen een nieuw adviesformat ontwikkeld, maar ging ook ‘iedereen terug de klas in’, zoals Kimmo het noemt. “Sommigen voelden zich daar minder senang bij in het begin”, vertelt San. We hebben hier mensen rondlopen die hun specialistische werk erg serieus nemen en hierdoor vreesden in te leveren op zorgvuldigheid, professionaliteit of kwaliteit. Maar dat bleek ongegrond. “Er volgden trainingen in schrijfvaardigheid, individuele feedbackrondes en nog steeds is er binnen de clusters ondersteuning van taalcoaches. Na de zomer krijgt dit een vervolg waarin we de nieuwe vaardigheden nog verder gaan aanscherpen.”

Hoe iets wél kan

“Van oudsher zaten we veel meer op het toetsen van goed of fout of het kan wel óf niet,” zegt San. “Maar gemeenten willen in veel gevallen ook weten hóe iets wél kan. Daarin maken we nu ook al meters. Van nature zijn onze mensen geneigd om risico's te signaleren, regels toe te passen en zekerheid te bieden. Dat vakmanschap blijft nodig. Tegelijk ontstaat steeds vaker de behoefte om ook de bredere context te begrijpen: waar werkt een gemeente naartoe, welke belangen spelen mee en welke ruimte is er nog binnen de bestaande kaders? Misschien nog belangrijker: hoe maak je afwegingen inzichtelijk en hoe help je een opdrachtgever verder zonder op de stoel van beleid te gaan zitten? In dat spanningsveld openbaart zich de meerwaarde van onze dienst als kennispartner. Dit is cruciaal binnen het huidige tijdsgewricht waarin milieu steeds complexer wordt en daardoor ook bepalend of een project doorgang kan vinden.

Roosendaal

Een blik op de bezetting van de adviseurs maakt dat al zichtbaar. In Roosendaal schuift OMWB-adviseur Ruimtelijke Ordening en milieu Volkert Buil periodiek aan op het gemeentehuis en wordt hij vanuit verschillende afdelingen betrokken bij actuele ontwikkelingen en beleidsvragen. Zijn vanzelfsprekende aanwezigheid en benaderbaarheid helpen daar om afwegingen eerder inzichtelijk te maken en milieu een volwaardig onderdeel te laten zijn van de planvorming. Zijn ervaringen laten zien waar O&A op de langere termijn naartoe wil (zie kader). “Kortere lijntjes en sneller kunnen schakelen, dat lijkt het hoogst haalbare in een ambtelijke omgeving. Nou, in Roosendaal en andere gemeenten zien we al hoe gunstig dit voor alle partijen uitpakt. Uiteindelijk willen we uiterlijk eind dit jaar bij alle gemeenten periodiek een RO(milieu) medewerker hebben zitten die het adviseurschap verstaat namens de OMWB.”

Omgevingswet

Volgens San en Kimmo past die ontwikkeling bij de Omgevingswet. “Milieu verschuift steeds vaker van randvoorwaarde naar onderdeel van de afweging in planvorming”, zegt Kimmo. Daarom klinkt wederom een duidelijk appel namens Kimmo richting gemeenten: “Neem ons vanuit de eerste gedachte al mee. Hoe eerder je ons betrekt, hoe groter de kans dat een project op een goede en tijdige manier doorgang kan vinden.”

Enquête

Na de zomervakantie krijgen gemeenten een enquête waarmee ze kunnen aangeven hoe ze de vernieuwde dienstverlening van Onderzoek en advies ervaren. “Bespreking hiervan zal ook onderdeel zijn van een rondgang die we weer gaan maken langs alle gemeenten. Om daar weer constructief te bespreken wat werkt, wat mogelijk ontbreekt en waar kan O&A verder verbeteren. In de eerste gespreksronde hebben we hier ook al de eerste input voor opgehaald. Te denken valt aan verbeteringen van het opdrachtgevers- en intake proces, doorlooptijden van adviesopdrachten. In de tweede helft van het jaar gaan we hier dus zeker een volgende verbeterslag maken. Daar zijn we allemaal mee geholpen.

Volkert Buil, adviseur Ruimtelijke Ordening en Milieu, over zijn vaste plek bij de gemeente Roosendaal en de samenwerking met deze gemeente

"Toen ik jaren geleden begon, schreef ik een advies en dat ging dan de deur uit. Dan hoorde ik er vaak daarna niets meer over. Dat is gelukkig niet meer aan de orde. Al een aantal jaar werk ik één keer in de twee weken in het stadskantoor ‘het Huis van Roosendaal’. Dat ik er fysiek ben, aansluit bij overleggen en daardoor weet wat er speelt, maakt het werk niet alleen interessanter maar ook effectiever.

Ietwat cliché maar de lijnen zijn bij de gemeente Roosendaal wel korter dan bij andere gemeenten waar we niet aanwezig zijn. Ik zie grotere lokale ontwikkelingen nu eerder aankomen, collega’s weten me makkelijker te vinden, stellen eerder vragen en betrekken ons eerder bij plannen. Daardoor kunnen we al in een vroeg stadium meedenken. Zo hebben we voor diverse gebiedsontwikkelingen met quickscans in beeld gebracht welke milieuaspecten aandacht vragen en welke onderzoeken nodig zijn. Daarmee wisten we verderop in het proces verrassingen en mogelijke obstakels te voorkomen. Een bijzonder project was de zoektocht naar een geschikte locatie voor een nieuwe kazerne met oefenterrein voor het Korps Commandotroepen. De OMWB heeft destijds aan dit locatieonderzoek bijgedragen door de milieu- en natuuraspecten in kaart te brengen.

De grootste meerwaarde zit voor mij niet in één groot project, maar juist in het regelmatige contact. Je begrijpt beter wat er binnen een gemeente speelt, kent de gevoeligheden en spreekt dezelfde taal en werkt daardoor integraal samen. Daardoor ben je niet alleen adviseur op afstand, maar lever je ook echt een bijdrage aan de keuzes die worden gemaakt.”

Geluidadviseur Nilse van der Sanden helpt als taalcoach haar collega’s binnen Onderzoek en advies met de nieuwe manier van adviezen schrijven. “De grootste winst van dit traject zit niet alleen in meer heldere taal, maar ook in een andere manier van adviseren. Het vertrekpunt is altijd: ‘Wat heeft de ontvanger hier eigenlijk aan?’ Gemeenten willen snel kunnen zien of een project door kan, of er maatregelen nodig zijn en wat zij zelf nog moeten regelen in de procedure. Daarom zetten we de conclusie en een bondig advies bovenaan. We merken ook dat daar behoefte aan is: meer begeleiding bij het maken van de juiste keuzes. Natuurlijk vroeg dat aanpassingsvermogen van onze kant en er is nog steeds ruimte voor verdere verbetering. Mensen moeten immers wennen aan een andere manier van werken en schrijven. Maar ik zie overal bereidheid om die stap te zetten. We zijn echt een heel eind onderweg. Adviezen worden herkenbaarder, uniformer en uiteindelijk ook bondiger. Iedereen ziet straks in een oogopslag dat het advies afkomstig is van de OMWB.”

Meer lezen over het werk van Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant?

Abonneer je op OMWB [in beeld]