Glastuinbouw in 2026
"In theorie zou er geen druppel verloren moeten gaan"
Grootschalige teelt van aubergines, waarvan negentig procent voor export is bestemd, is big business in Dinteloord. Van Duijn De Jong teelt zijn gewassen op ruim 11 hectare. Milieutoezichthouder Nina de Graaf gaat voor het eerst sinds vijf jaar langs voor een reguliere controle en maakt samen met locatiemanager Tom de Jong een ronde door het bedrijf.
“Energieverbruik vormt voor ons bedrijf de grootste uitdaging.”
(De tekst gaat verder onder de foto)
“Wie denkt dat chemische bestrijdingsmiddelen nog gangbaar zijn, loopt achter op de praktijk.”



In de technische ruimte komt het energievraagstuk ter sprake. "Energieverbruik vormt voor ons bedrijf de grootste uitdaging", vertelt hij. "In 2021 hadden we natuurlijk de energiecrisis. Die konden we voor een deel het hoofd bieden doordat vijftig procent van onze afzet al vooraf was ingekocht, de andere helft ging voor dagwaarde weg. Maar nu de hoogte van de energiebelasting met name in 2030 serieus toeneemt, is het zaak dat we doen wat we kunnen." Tom heeft nog altijd hoop dat de beloofde pijpleiding met CO2 en restwarmte van de afvalverbranding in Roosendaal ooit nog zijn kant op komt. "Daarvoor staan jammer genoeg nog niet alle seinen op groen. Maar we wachten het rustig af."
Tot die tijd zijn de twee warmtekrachtkoppelingen onmisbaar. Deze kleine energiecentrales zetten gas om in warmte en elektriciteit. Overtollige warmte wordt opgeslagen in een warmtebuffertank en later opnieuw gebruikt, terwijl niet-benutte elektriciteit wordt teruggeleverd aan het stroomnet. Om de uitstoot zo schoon mogelijk te houden, wordt daarbij DeNOx toegevoegd, een mengsel van ureum en gedemineraliseerd water. Dat verklaart waarom Nina niet alleen de installaties controleert, maar ook de administratie die daarbij hoort. De Jong moet kunnen aantonen dat de boekhouding van de DeNOx op orde is. Ook moet duidelijk worden of verplichte inspecties tijdig zijn uitgevoerd. Aan de hand daarvan kan bijvoorbeeld worden vastgesteld of de rookgasreiniger goed functioneert en de stikstofuitstoot binnen de geldende emissiegrenswaarden blijft.
"Voor de opslag van gevaarlijke stoffen is de situatie wel iets gecompliceerder geworden", vertelt Nina. Ze maakt zorgvuldig aantekeningen van de aanwezige hoeveelheden salpeterzuur, ammoniumnitraat, magnesiumnitraat en kalksalpeter.
"Maar voor zowel de ondernemer als mij als toezichthouder ligt er nu een uitdaging. Met het vervallen van het overgangsrecht voor de glastuinbouw gelden sinds dit jaar de algemene regels uit het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) voor de opslag van gevaarlijke stoffen die verpakt zijn. Daardoor zijn tegenwoordig aanzienlijk kleinere hoeveelheden slechts nog toegestaan." Essentieel voor de bedrijfsvoering dus. Dat vraagt niet alleen wendbaarheid van ondernemers, maar ook van toezichthouders die de nieuwe regels in de praktijk moeten toepassen. Het is nog wachten op landelijke consensus hierin.
Nina: "Wat is redelijk? Praktijk en regelgeving moeten op dit punt nog naar elkaar toe groeien, laat ik het zo zeggen. Je ziet hier hoe dan ook een bedrijf met goede intenties en de aantoonbare bereidheid om duurzaam te investeren en processen goed te borgen. Daar worden we blij van."


